1. 1e Biënnale Kunst in de Heilige Driehoek, 21 oktober
  2. The Making of Sky Mirror van Anish Kapoor in 30 beelden door Pien Kuijpers
  3. Tentoonstelling Between the Lines van Chiharu Shiota, 24 september
  4. Het Noordbrabants Museum Chiharu Shiota ‘Between the Lines’, zondag 24 september
  5. Henk Eikenaar in Baarle Nassau, 4 mei
  6. Kasteel van Gaasbeek: Kairos Castle – de kunst van het juiste ogenblik, 17 april
  7. Rafelranden van Schoonheid, Textielmseum op 26 maart
  8. Terugblik en foto's atelierbezoek Katinka Lampe op 19 februari
  9. BredaPhoto, zondag 23 oktober 2016
  10. Museum De Pont, zaterdag 26 november 2016
  11. Beeldengalerij Het Depot, Wageningen, vrijdag 27 mei 2016
  12. Bezoek aan Würth Den Bosch, 17 april 2016
  13. Sheila Hicks, TextielMuseum, zondag 20 maart 2016
  14. Roni Horn in Museum De Pont, zondag 21 februari 2016
  15. Nieuwjaarborrel en expositie in PARK op 24 januari 2016
  16. ‘Tegen het licht in’ van Marc Mulders en Katinka Lampe
  17. Hugo Tieleman Noordbrabants Museum, 29-11-15
  18. KUNST als MEDICIJN bedrijfscollectie LUMC 14 augustus 2015
  19. De dans van Oost en West, een atelierbezoek 11 juli 2015
  20. Rondleiding in De Pont op 21 maart 2015
  21. Kunstkringledenkunst in Galerie Kokon tevens Nieuwjaarsreceptie, 18 januari 2015
  22. Bezoek aan BredaPhoto, 4 oktober2014
  23. Atelierbezoek bij Marja van Reijen, 7 september 2014
  24. Stedelijk Museum in Amsterdam, Jeff Wall 31 juli 2014
  25. Beeldentuin Caldic Collectie Wassenaar 26 juni2014
  26. Excursie en recensie Bocotondohal en Cacaofabriek Helmond 25 mei 2014
  27. Francis Bacon in het Noordbrabants Museum, Den Bosch, 21 april '14 (3 recensies)
  28. Atelier bezoek Park 19 januari 2014

 

1e Biënnale Kunst in de Heilige Driehoek, 21 oktober
Een zeer interessante plek voor deze Biënnale. De drie kloosters waar de tentoonstelling plaatsvond waren mooie contemplatieve plekken in Oosterhout. Voor velen een verrassing. Ook de hedendaagse kunst was zeer mooi opgesteld in de kloosters, kapellen, gangen en tuinen. Het centrale thema is liefde, de belangrijkste van de drie goddelijke deugden. Een aantal kunstenaars hebben zich een tijd lang in het kloosterleven ondergedompeld en hebben zich zo laten inspireren. Zo heeft Carolein Smit zich laten inspireren zowel door de Paulusabdij als door de altaren hierin en door de traditie van de abdij, het pottenbakken. Zij maakte een aantal prachtige keramische beelden in relatie tot het leven van Christus maar met een hedendaags kritische visie. Bij de Benedictessen zagen we onder andere een olieverfschilderij van ‘Madonna de Mare Nostrum’ van Hansa Versteeg met een verwijzing naar de vluchtelingencrisis. Meerdere kunstwerken in de verschillende kloosters refereerden aan de vluchtelingencrisis. Marieke Bolhuis maakte beelden van materialen die ze vindt of krijgt. Zo maakte ze beelden met gebruik van overblijfsels van de textiele werken die de Benedictessen maakten en herstelden. Tijdens de rondleiding kregen we ook informatie over de architectuur en de geschiedenis van de kloosters. Voor sommigen was de Bossche School nieuw, een bouwwijze toegepast op kloosters in de Heilige Driehoek. Al met al een inspirerend bezoek en zeker de moeite waard om in de gaten te houden over twee jaar!
Marie-Louise Elias

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Klik op Onderstaande foto om de fotoreeks te bekijken. (Deze opent een apart venster)

Foto's: Pien Kuijpers

 



Tentoonstelling ‘Between the Lines’ van Chiharu Shiota
Noord Brabants Museum 24 september 2017
Overweldigend is de ruimte gevuld met rode draden, die als een gewelf boven je hoofd hangen en je een ruimtelijk gevoel geven en verbonden zijn met stalen boten. ‘Uncertain Journey’ verbeeldt het avontuur en het leven van elk mens met andere mensen. Chiharu (geboren in Osaka 1972) is op zoek naar zichzelf en komt via Australië in Berlijn terecht. Ze ontmoet de performance kunstenaar Marina Abromovic waarvan ze leert om via performance haar eigen identiteit te ontdekken en te zien via foto’s try en go. Bij ’Earth en Blood’ gebuikt Shiota haar eigen lichaam als object en besmeerd het met aarde en verf en ervaart het als een tweede huid en ondanks dat ze het verwijdert blijft er altijd een deel met haar verbonden. Hoe ver ze gaat in de performance is te zien op de beelden van de video 'Wall' waarbij ze haar lichaam bedekt met ‘bloedvaten’ verborgen in het lichaam maar verbeeldt door slangetjes en rode vloeistof. Wat veel indruk op mij maakte was de verbondenheid die ontstaat tussen de zwarte draden en een witte jurk (Traces of Life). Het werk roept een herinnering op aan het lichaam in de jurk dat er niet meer is. ’The Key in the hand’ is een deel van de installatie van een grote tentoonstelling in Venetië. Het is een labyrinth van sleutels en rode draden en symboliseert herinneringen die door de rode draden aan boten verbonden worden.
Chiharu Shiota onderzoekt het verband tussen verleden en heden, object en herinnering. Het is een tentoonstelling waarin menselijke verhoudingen en herinneringen verbeeldend zijn weergegeven. En met dit gegeven nodigt het je uit om bij je eigen herinneringen stil te staan en ze in gedachten toe te voegen aan een rode draad. Dan begrijp je wat ze precies bedoelt met verbonden zijn. Met dank aan Paulien Berendsen die met passie ons kennis liet maken met ‘Between the Lines’ van Chiharu Shiota.
Kees den Teuling

 

 


Foto's Wilma Linders

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Excursie 17 april Kasteel van Gaasbeek: Kairos Castle – de kunst van het juiste ogenblik
Curator: Joke Hermsen filosofe en schrijfster
Stelling van Joke Hermsen in haar essay voor de Maand van de Filosofie: “In de strijd tegen de klok (de Chronostijd) is de echte tijd uit het zicht geraakt. Kunst helpt ons het ‘juiste’ ogenblik te ontdekken- de Kairos-tijd. Het juiste ogenblik biedt ons inspiratie creativiteit en verandering: de kunsten”.
Joke Hermsen hoopte dat deze expositie de bezoeker deze twee gezichten van de tijd, zoals de Griekse filosofen dit noemden, zou ervaren. Om in het dagelijks leven af en toe een time-out te nemen van het dwingende van de kloktijd en zich dan open te stellen voor de Kunsten. Ze heeft daarvoor kunstwerken gekozen die op de een of andere manier een relatie met de tijd hebben. We zagen bijvoorbeeld van Maarten Baas ‘Grandfather’s Clock’. In de klok tekent een man wijzers en veegt ze weer uit.
‘Les Planetes’ van Corinne Mercadier, mysterieuze en donkere foto’s waarbij onduidelijk is waar het licht precies vandaan komt.
Er er was ook videowerk van Hans op de Beeck ‘Staging Silence’ (2). Hij laat daarin een tijdelijke wereld zien, namelijk die van suikerklontjes. En, die tijdelijke wereld, die is er ook: het Kasteel van Gaasbeek met zijn geschiedenis van tijdelijke samenleving en afbraak.
Wat ik ook een prachtig werk hier vond was een tekening van Mynke Buskens: ‘De steden en de hemel’. Een deel van de reeks Dieze. Citaat van Mynke Buskens: “Ik teken een utopisch model voor het leven: een plek tussen ergens en nergens“. Zie haar werk op:
www.stedelijkmuseumkampen.nl.
De kunstwerken vond ik over het algemeen zeer boeiend, mooi, onbegrijpelijk en fascinerend. Een heel breed aanbod, goed gekozen binnen dit thema.
Echter: er was zóveel. Er was de geschiedenistijd van het kasteel, de tijd in het ritme van de overal gedraaide muziek, de tijd in de kunstwerken, de ruimtes en de kunstwerken die vaak beiden niet echt tot hun recht kwamen. Dit gevoegd bij de stroom van bezoekers door de mooie smalle gangetjes van het kasteel, het geroezemoes, de uitleg van de gids en de zeer geïnteresseerde groep. Kortom: het was voor mij, die graag met rust en ruimte kunst wil beleven om me te laten inspireren, te veel. Ik vond dat het Kasteel en de curator hun doel voorbij geschoten zijn.
Eindconclusie: deze tentoonstelling in een witte ruimte, met hier en daar misschien wat muziek. Bij de koffie dan maar? ! Absoluut genieten.
Marianne Zantkuijl

 

 

 

 

 

Expositie ‘Rafelranden van Schoonheid’ in het Textielmseum op 26 maart 2017
De expositie toont een vijftal bijzondere textiele installaties met interactieve beelden en films van de kunstenaars Karin van Dam, Tanja Smeets, Nan Groot Antink, Bart Hess, en Heringa/van Kalsbeek. De kunstenaars zijn door het museum geselecteerd voor het ontwikkelen van een werkstuk voor de het museum, waarbij ook gebruik is gemaakt van de machines in het museum. De titel van de tentoonstelling ‘Rafelranden van Schoonheid’ slaat letterlijk op het gebruik van textiel voor de kunstwerken, maar vooral ook op de tegengestelde gevoelens die de werken oproepen. De kunstenaars hebben zich daarbij elk op hun eigen wijze laten inspireren.
Karin van Dam toont twee grote in de ruimte hangende zwarte bollen, samengesteld van speciale gebreide schelpen, waaruit letterlijk de rafels hangen.
Tanja Smeets heeft een wonderbare installatie gemaakt uit gesneden vilt met kunststof bladvangers en hoge objecten uit gebreide vormen. Het is een boeiend geheel en doet wat denken aan een onderwater tafereel. Het is moeilijk om je voor te stellen dat deze vormen zijn gemaakt in een breimachine.
Nan Groot Antink heeft zich laten inspireren door de locatie. Zij heeft een aantal lappen geweven uit natuurlijke vezels met letterlijk rafelige randen. En uit gewassen die er ooit gegroeid kunnen hebben op de Brabantse zandgrond zoals jeneverbes en boerenwormkruid, heeft zij verfstoffen gemaakt waarmee zij de lappen heeft bewerkt. En zoals dit vroeger ging in Tilburg zouden de stoffen voor het verven zijn bewerkt met urine om de verf beter te laten opnemen.
Bart Hess heeft het meer gezocht in beweging. Speciaal gemaakte en met rubber bewerkte stoffen, gevormd tot silicone huidachtige zakken en harige koorden. De amorfe vormen reageren op geluid of op beweging in de omgeving en kronkelen subtiel. De gevoelens die dit opwekt zijn verschillend, van wat afstotend tot zeer fascinerend.
Het werk van Heringa/van Kalsbeek is geïnspireerd op in China gebruikte bruidstooien. Zij hebben een reusachtige huwelijkskroon gemaakt in frisse kleuren als een groot bloemenboeket. Het werk doet wat kitsch-achtig aan, maar dat veranderd als de je aan de achterkant ziet hoe het werk is opgebouwd uit blik, strips en ander afval. De rafelrand van de schoonheid.
Behalve deze tentoonstelling kregen we ook de gelegenheid in het StudioLab een project in opbouw te zien van Lizan Freijsen. Geïnspireerd door plaatjes van een schimmel maakt zij op een polyester ondergrond door tuften met wollen draden een groot kleed. Gewerkt wordt vanaf de achterzijde die eruit ziet als een houten plak met jaarringen uit een reusachtige boom. Het tuften zelf hebben wij niet gezien. Ook in een andere ruimte waar een aantal getufte kleden in bewerking waren werd op deze zondag niet gewerkt.
Het zou echter niet het Textielmuseum zijn als zij ons niet nog een demonstratie hebben gegeven van een laser vilt snijmachine. Wel fascinerend hoe dit proces kan worden ingesteld. Snijden door de stof, maar ook alleen oppervlakte bewerking waarbij zelfs tekeningen in de stof kunnen worden gemaakt. Het snijden met de laser smelt de snijrand, dus zonder rafelige rand. Al met al een boeiende tentoonstelling die aangeeft dat je ook met textiel bijzonder kunstvormen kunt maken.


Foto: José van Dijk

 

Atelierbezoek bij Katinka Lampe op 19 februari
Een uitnodiging van Katinka Lampe om haar te bezoeken in haar nieuwe atelier was niet tegen dovemansoren gezegd. Dus reisden we met 16 leden van De Kunstkring in februari 2017 naar Rotterdam waar Katinka met haar gezin woont en werkt in hun nieuwe huis. Op een bouwkavel in een straat pal achter de Maasboulevard bouwde Katinka met haar man een bijzonder huis, waar wij zeer gastvrij werden ontvangen. Na een rondleiding door het woongedeelte togen we naar beneden, naar het ruime en lichte atelier, waar Katinka ons heeft verteld over haar werk.
Ben je nieuwsgierig? Ga dan nu even naar haar website: www.katinkalampe.nl en bekijk de portretten die zij schildert. Zelf zegt zij daarover: “Het zouden portretten kunnen zijn van bestaande mensen, maar dat is niet wat ik zoek. Ik gebruik de modellen om het schilderij te maken, zij zijn ook wel herkenbaar in het schilderij, maar het is een geconstrueerde werkelijkheid.” Uitvoerig en heel openhartig heeft zij laten zien hoe zij te werk gaat, en daarbij heeft zij ook het beeldmateriaal laten zien dat het uitgangspunt vormt voor haar schilderijen.
Zij start meestal met een foto en vindt haar modellen via internet of gewoon op straat. Vervolgens maakt zij een serie foto’s. De modellen passen voor haar camera, grote pruiken, zonnebrillen, hoeden en dergelijke. Zij combineert beeldmateriaal van verschillende modellen wat bijvoorbeeld een portret van een jongen met een bloemetjesbril oplevert. Vaak poseren ook haar zoon en dochter. En die zijn daar al zo aan gewend, dat ze het niet erg vinden om als meisje of jongen te worden afgebeeld.
In een schilderij naar aanleiding van de film Brimstone (waarvoor Katinka eerst een logo heeft gemaakt) kun je achter de confronterende muilkorf het kwetsbare gezicht van haar dochter herkennen. Die is hier best trots op! Katinka vermijdt het om in haar werk zichzelf als persoon te laten zien. Ook zie je geen penseelstreken maar een gladde laag dunne olieverf in prachtige heldere kleuren. Geen handtekening voorop maar achterop het schilderij. De juiste proporties geeft zij aan met behulp van papieren sjablonen. Zij projecteert de foto op de muur en tekent een contour op een vel papier. Dit knipt zij uit en gebruikt zij op het doek om een scherpe lijn te trekken waarbij alles op de goede plaats komt te staan: ogen, mond, schouders etc. Uiteindelijk levert het een realistisch maar ook abstract beeld op, waarin de toeschouwer de ruimte krijgt om zelf het mysterie te ontrafelen dat Katinka heeft opgeroepen. Wie is deze persoon? Bestaat dit meisje echt of niet? Wat vinden wij van haar werk vraagt zij ons "Kwetsbaar", "krachtig", "gevoelig", ook "confronterend en direct", waren onze antwoorden. “Zoals ik zelf ben eigenlijk...” zei Katinka tenslotte.
Voor de liefhebbers: de volgende solo tentoonstelling is in Galerie Ron Mandos in Amsterdam eind april 2017.
Annemarie Boin

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto's: Marianne Zantkuijl en Marie-Louise Elias

 

 

 

 


Foto's: Adly Lamers

 

 

BredaPhoto: Vanuit een mistig oosten kwamen we in zonnig Breda. Op het grote ruime plein rond het Chassetheater staan grote stellages waar je omheen kunt lopen en waarop aan alle vier kanten foto `s zijn gemonteerd. Groot en op prachtig materiaal. Ik geef hier alleen maar een klein geheugensteuntje over wat ik gezien heb en hoe ik het kan onthouden. Bij de eerste groep werd gevraagd waar we dachten dat het over ging. Ik zag allemaal dingen die alleen afgebeeld waren zoals een kopje en een ontbijtbordje. Dus ik dacht: alleen zijn, eenzaamheid. Maar nee, het ging over ergernissen. Lippenstift op een theekopje, een wc-rol die verkeerd hing, een koffiefilter die verfrommeld in de houder zat en waar de drab lekker overheen morste, een treurig zeepje in een gore plas met water in een vies zeepbakje.
Mensen met tattoos over het hele lijf. Maar wat als die dikke man heel dun gaat worden en die hele dunne dame gaat uitdijen, gaan dan de bloemen bij de dikke man er verlept uitzien en gaan de bloemen bij de dunne dame groot open bloeien?
Allerlei plastic voorwerpen die geassembleerd zijn tot een fantastische bloem op een zwarte achtergrond. De fotograaf heeft de kleuren fel aangezet. Maar je herkent toch nog wel voorwerpen zoals tierips, plastic kadertjes van een mobile. Heel fantastisch. Verminkte gezichten. Soms gruwelijk, maar de figuur die geen verminking had maar in een erbarmelijke stand erbij lag was indrukwekkender dan die vreselijk uitziende anderen. Less is more.
Woon en leefomstandigheden van daklozen. Veel AH-tassen en dat zijn dan eigenlijk de kasten waarin een mens zijn spulletjes bewaart. Soms zie je al iets van genesteld zijn.
Serie van mensen die bewust een zwerfbestaan leiden. Dan zijn er zelfs echte interieurs te zien waar kindertjes gezellig in een badje bij de kachel zitten. Wonderlijk gestapeld afwas serviesgoed waarbij het verhaal gaat: de fotograaf mag blijven eten als hij daarna de afwas doet en de gastheer/vrouw de foto krijgt. Foto mooi, afwas nog vies. Hele donker vergrijsde foto`s van mensen alleen/eenzaam. De foto`s leken wel houtskooltekeningen of van fluweel gemaakt. Op prachtig plaatmateriaal bevestigd. Maar na afloop van deze expo worden ze vernietigd!!
Binnen:
Serie van dementerende oudoom. Ontroerend en zo liefdevol gedaan. Foto`s die geen foto`s zijn. Althans niet door de fotograaf geknipt. Het zijn bestaande foto`s die gefotoshopt zijn. Ook een prachtige serie assemblages van bestaande foto`s die verscheurd en gehergroepeerd zijn en prachtige beelden opleveren.
Een serie portretten die ontstaan is doordat er verschillende foto`s over elkaar heen werden afgedrukt. Dat geeft een schimmig beeld van de personages. Je ziet bepaalde ogen bij meerdere koppen terug. Meer trucage dan zuivere fotografie? Filmpje van een slechtziende oude dame in haar dagelijkse doen.
En toen was mijn hoofd vol en zakte ik door mijn hoeven. Er is nog zoveel te zien en het is zo indruk-wekkend. Daar moet je eigenlijk een week voor uittrekken.
Marja van Reijen

 

Een rondleiding van scepsis tot groot enthousiasme
Veertien leden van de Kunstkring bezochten op 26 november de expositie van Callum Innes in het De Pont, samen met onze gids Ine Vermee. Alle duvelhokken en de grote ruimte waren gevuld met zijn werk. En wat in eerste aanleg nog ‘een grote hoeveelheid abstract werk’ was veranderde geleidelijk in fascinerende kleurige grote (net niet) vierkante schilderijen met de meest prachtige kleuren. We zagen steeds meer het resultaat van het laag over laag aanbrengen van verschillende kleuren verf, die vervolgens met een kwast met terpentijn weer zodanig werd bewerkt dat er een geheel veelal bijzondere mooie nieuwe kleur ontstond.
Ontschilderen heet dat. Met als ondergrond waxpapier, schilderslinnen of gesso. Alles strak en perfect uitge-voerd. De aanvankelijk opgeworpen vraag ‘of dit kunst is’ wordt volledig overbodig nu gebleken is dat iedereen die deelnam aan de rondleiding er door geraakt is. Zeker ook dank zij de inspirerende rondleiding door Ine.
Op een van de wanden van de grote ruimte heeft de schilder voor deze expositie meerdere werken aangebracht. Leuk voor DE PONT? Hij kan die immers niet meer meenemen.
Marius de Jong

 


 

 

 

 

 

 

Tentoonstelling ‘Waanzin en werkelijkheid’ in het kader van de herdenking van de vijfhonderdste sterfdag van Jeroen Bosch
Op 17 april j.l. bezochten we de Kunstlocatie Würth in Den Bosch om de tentoonstelling ‘Waanzin en werkelijkheid’ te bekijken. De tentoonstelling is een gezamenlijk project van Kunstlocatie Würth en Rabobank in het kader van de herdenking van de vijfhonderdste sterfdag van Jeroen Bosch. De tentoonstelling bevat werken uit de collecties van Würth en Rabobank die zijn geselecteerd op raakvlakken met Jeroen Bosch.
De gastvrouw van Würth die ons rondleidde begon met een verhaal over de collectie Würth: ooit ontstaan als een particuliere verzameling van de oprichter van het Würth-concern, maar inmiddels uitgegroeid tot een kunstverzameling die bestaat uit 17.000 werken (daterend van de negentiende eeuw tot heden) en is verdeeld over 15 locaties in 10 landen. De meest omvangrijke collectie bevindt zich in de Kunsthalle in Schwäbisch Hall in Zuid-Duitsland, waar zich de hoofdvestiging van Würth bevindt.
Voor de tentoonstelling Waanzin en werkelijkheid zijn uit de collectie Würth werken van de hedendaagse Mexicaanse kunstenaar Francisco Toledo geselecteerd, met name aquarellen (illustraties voor de zoölogia fantastica van de Argentijnse schrijver Borges), maar ook keramische beelden. Het werk van Toledo toont overduidelijk dat de thema’s van Jeroen Bosch nog steeds actueel zijn: net als Bosch fantaseert Toledo vreemde wezens, zoals spinachtige dieren met menselijke ledematen, een lam met een kattenkop en “de inktaap”, geschilderd naar een verhaal van Borges: de inktaap wacht tot de schrijver stopt met schrijven en drinkt dan de overgebleven inkt op.
De selectie uit de Rabocollectie oogt, in vergelijking het werk van Toledo, minder spectaculair, maar bevat zeker een aantal bijzondere werken zoals (onder meer) een apocalyptisch schilderij van Ge-Karel van der Sterren en het aangrijpende Circle of Trust-mother and son van Folkert de Jong. Kortom: wederom een mooie tentoonstelling in Kunstlocatie Würth. Te zien tot en met 29 januari 2017. Nico van Etten

 

 

Sheila Hicks, Why Not? Een impressie
Een drukbezochte excursie, Oda van Olphen leidt ons rond en geeft veel achtergrondinformatie voordat we de tentoonstellingsruimte bezoeken. Een van de werken is getiteld: ‘Trapeze Voor Christobal´, een kleurrijk in elkaar gedraaid metershoog kunstwerk. Een sculptuur van allerlei streng-en, het is mogelijk een van de werken waarmee zij haar werkstijl laat zien.
Je ziet vooral de menselijke hand in haar werk en het natuurlijke element van het materiaal. Haar belangstelling gaat ook uit naar architectuur, fotografie, schilderkunst en etnologie. De textiel wist ze van arts en crafts te verheffen tot beeldende kunst. Nog steeds zoekt Hicks in haar pro-jecten hoe de menselijke hand zichtbaar blijft en toont ze zich wars van bijvoorbeeld het machinaal werk zoals tuften. Minutieus onderzoekt zij wat draden doen en wat je met draden kunt doen, weven spannen om elkaar draaien, vlechten. Er lijkt soms sprake van willekeur en toeval, dan weer zijn er strenge geometrische vormen. Voor menigeen was de tentoon-stelling als een feest van herkenning en voor anderen een feest van textiele beeldende kunst.  Marij Schoonen


Foto: Miek Korsmit

 

 

De Opening bewonderde het werk van Roni Horn
Het was een sombere dag toen we op 21 februari door Ine Vermee rondgeleid werden door de tentoonstelling van Roni Horn in de Pont. Ine is duidelijk een grote fan van Roni en dat enthousiasme bracht ze aan onze groep (ruim 20), en zeker aan mij, over. Inmiddels heb ik de tentoonstelling drie maal gezien en ik krijg een steeds grotere bewondering voor Roni Horn. Zij is heel veelzijdig (beeldhouwer, fotograaf, graficus en tekenaar), weet precies wat ze wil, schuwt geen problemen en heeft geen sterallures. Op haar verzoek is voor het eerst in de Pont een lange schuine wand aangebracht die de bezoeker door haar tentoonstelling leidt. Dat werkt perfect! De fotoserie AKA (Also Known As) stelt via dubbelportretten van haarzelf de vraag naar ieders eigen identiteit. Ook de fotoserie ‘Potret of an image’ (100 foto’s van Isabelle Hubert) en Water Teller (dubbelfotos van modefotograaf Jurgen Teller) gaan over de vraag naar identiteit. Wat ziet de toeschouwer, waar en niet waar. In welk hokje plaatsen? Welke verschillen? Van haar grafische werk vond ik de werken met de kaart van IJsland als basis het meeste aanspreken. Dit ongrijpbare, in beweging zijnde land waar Roni sinds 1975 heel vaak komt is voor haar een voortdurende inspiratie. Ik ben er in 1997 geweest en snap dat helemaal! Ik miste het door de Pont aangekochte werk ‘Pair fields’ (18 paren van identieke objecten van koper en roestvrij staal). Ik heb begrepen dat de reden is dat Roni geen overzichts-tentoonstelling wilde.
“De ervaring van het werk is de betekenis”
Zij wil de individuele kijker activeren en wil daarom dat de kijker dicht bij haar werk komt. Dat is ook de reden dat de tien glazen glassculpturen (5000 kilo per stuk!) tot op een halve meter benaderd kunnen worden. Ze zijn prachtig: mysterieus, lichtgevend, keihard en heel zacht. Er zijn twee video’s te zien die ik alle twee zeker wil aanraden. De eerste gaat over de inrichting van de tentoonstelling en bij de tweede (in de bibliotheek) wordt Roni Horn geïnterviewd in Denemarken. Je leert haar daar als mens en kunstenaar beter kennen. De tentoonstelling duurt tot 29 mei. Beatrijs van der Weijden

 

 

 

 

Nieuwjaarborrel en expositie in PARK op 24 januari
De Kunstenaar Yasser had een leuke toelichting, maar gaf geen vertaling van de titel Carnal Farewell, die volgens mij betekent: ’t vleselijke vaarwel/afscheid nemen van de vleselijke lusten…, dat herinneren we ons nog wel van vroeger, nietwaar? Met carnaval mocht je ff uit je bol en dan weer in het strenge gelid van de kerk die het lichamelijke/vleselijke als zondig bestempelt. Een keer groot feest in het voorjaar bij het oorspronkelijke natuurlijke oud en nieuw, ergens in of eind februari, dat door keizer augustus op de kalender naar december is verplaatst. December de 10e maand en januari en februari waren eigenlijk de 11e en 12e maand van het jaar.
Na een rondje door Yassers carnavalland hebben we genoten van de verrukkelijk en culinair strelend hapjes van de twee Marijen, zo schoon en zo swart. Marij Schoonen had haar hapjes ook nog super esthetisch gepresenteerd op een prachtige zilveren schaal met figuren in gebogen zilveren lepels, hapklare culinaire kunst, het leek wel een ‘Michelin Ster Restaurant’.
Het recept van de quichehapjes van Marij de Swart: bladerdeeg op bakpapier in een oven-schaal. Klop met de mixer 250 ml slagroom en 3 eieren, kaas erdoorheen: 150 gram blauwe kaas en 150 gram geraspte kaas. 40-45 min bakken op 200/220 graden in de oven, en dan: smullen maar!
Nicky Naaijkens

 

 

 

 

 

 

 

 

‘Tegen het licht in’ van Marc Mulders en Katinka Lampe
Op nadrukkelijk verzoek van Katinka om te verzamelen in het café en daarna de toegangsbewijzen te gaan halen, buitenom terug naar het café en direct het museum in, leek wat omslachtig. Later zou blijken hoe ongelooflijk belangrijk het was om de juiste route te volgen. In het auditorium kregen we een klein college over het werk en werkwijze van Katinka en het ontstaan van de samenwerking met Marc Mulders. We starten de rondleiding in een vrij donkere zaal met op de donkere muren foto’s, teksten en het hele mailverkeer tussen Katinka en Marc om vervolgens de volgende, een nog meer donkere zaal in te gaan, met prachtig belichte muren met de portetten van Katinka en (oud) abstract werk van Marc wat wonderlijke combinaties oplevert, mystiek en poëtisch. Katinka vertelt veel over deze portretten en er kwamen ook veel vragen vanuit de groep. De volgende lichtere zaal met ook wat lichter werk, was niet minder indrukwekkend hoewel mij het recente werk van Mark héél wat minder aansprak, voorál naast dat van Katinka. De laatste zaal, de hemel? Lichter dan licht, prachtig. Een muur met een collage van meerdere werken, heel gek, maar ik wilde bij het kijken de werken van Marc overslaan en me concentreren op die van Katinka, eigenlijk had ik die van Marc eigenhandig van de muur willen halen! Overslaan, en me concentreren op het werk van Katinka.
Later die middag terug lopend vanuit het café richting de garderobe door de expositie maar nu van licht naar donker, begrepen we nog beter de zorgvuldige opbouw van de expositie en dus de route. Wat mij betreft een zeer geslaagde middag en als ik mag spreken voor de anderen, zonder uitzondering was iedereen héél enthousiast! Volgend jaar is het huis van Katinka klaar en zijn we uitgenodigd op haar atelier.
Ans de Beer en Marius de Jong

 

 

 

Hugo Tieleman, Noordbrabants Museum
Omdat de expositie van Hugo Tieleman (Noordbrabants Museum, 29-11-15) uit ongeveer zes schilderijen bestaat, hebben we de tijd om op de route daar naartoe andere schilderijen te bekijken. Onder andere die van Jan Sluiters die behoren tot de vaste collectie, het is altijd een belevenis om daar naar te kijken en er steeds weer iets nieuws in te ontdekken.
De schilderijen van Hugo Tieleman geven op indrukwekkende manier weer wat milieuvervuiling aanricht in de natuur. De verfschetsen die hij daar ter plaatse gemaakt heeft geven al een beeld van wat later in zijn schilderijen terugkomt. Door het gebruik van donkere blauwgrijze verfkleuren krijgt het water samen met de door olie besmeurde takken de triestheid van de verontreiniging. Ondanks de somberheid van het onderwerp waren het voor mij mooie schilderijen. Hugo Tieleman brengt de vergankelijkheid der dingen schilderachtig in beeld, zoals het schilderij van de vervallen boot.
Een grote tegenstelling is te zien tussen de schilderijen van Hugo Tieleman en die in de naast gelegen tentoonstelling over botanische kunst waar de natuur in detail en met grote kleurigheid is geschilderd. Een onderdeel van de werken over Botanische kunst is de fleurigheid van kleding, ontworpen door de in Londen geboren Nigeriaans-Britse kunstenaar Yinka Shonibare.
Kees den Teuling

 

 

KUNST  als MEDICIJN, rondleiding Bedrijfscollectie LUMC Leids Universitair Medisch Centrum 14 augustus 2015
De bedrijfscollectie is begonnen eind jaren tachtig met de regeling, dat 1% van de nieuw-bouwkosten van een openbaar gebouw besteed moest worden aan kunst. Met een bescheiden budget  werden kunstwerken voor een geringe prijs  aangekocht van kunstenaars, die later beroemd zijn geworden, waaronder Marlene Dumas. Van haar hangt er een vroeg portret-schilderij ‘ De Broer’ , waarin haar handschrift al duidelijk aanwezig is.
Het accent lag aanvankelijk vooral bij zwart-wit fotografie, voordat fotografie erkend werd als een zelfstandige kunstvorm. De liefde voor fotografie is gebleven, later is daar de portretkunst bijgekomen, bv Hendrik Kerstens die zijn dochter als enig model gebruikt en Martine Stig die een portretserie ‘blozen’ heeft gefotografeerd (zie foto), evenals een serie ‘ na de daad …’ Kun je aan de buitenkant zien wat mensen van binnen beleven, is de vraag van de kunstenares.
De kunstcommissie kocht veel tekeningen, oa Rosemien Hendriks die is begonnen met zwartwit en nu kleur toevoegt om meer gelaagdheid te krijgen in haar zelfportretten; de grote intieme landschappen van Jacobien de Rooij in pastelkrijt; de mysterieuze landschappen van Remie Spoelstra en bewerkte foto’s van Teun Hocks, prachtige surrealistische ensceneringen, schilderijen op  basis van foto’s, die er uit zien als tekeningen.
Een eyecatcher zijn ook de schilderijen van Helen Verhoeven (dochter van Paul Verhoeven), die als thema de onzichtbare maar voelbare lagen in beladen groepsgedrag  heeft. Zij heeft in 2008  als jong talent de Koninklijke Prijs voor de Vrije Schilderkust gewonnen.
Inmiddels wordt ook geïnvesteerd in installaties. Zo wordt de ruimte van de galerie op de begane grond naast de centrale ingang van het ziekenhuis om de 2 jaar door een kunstenaar gevuld met specifiek op deze ruimte afgestemd 3D-werk, dat meerdere etages hoog doorloopt:  bloemen, Escher-achtige draaiende trappen, zwevende figuren van kippengaas als een soort een Jacobsladder.
Werken uit de bedrijfscollectie worden niet verkocht om de historie en eigen aard van de collectie in s tand te houden, maar in de galerie is wel werk te koop van  hedendaagse kunstenaars, die speciaal werk maken voor het LUMC.
De ruim 2200 kunstwerken zijn vrij te bekijken en hangen overal: in de trappenhuizen ,de gangen, de wachtkamers van de poli’s etc. Gewoon overdag binnenlopen en een rondje kunst lopen; of na een artsbezoek afleiding zoeken in de schoonheid van kunst, je verwonderen over de betekenis van een kunstwerk en je afvragen wat kunst mag heten en waarom. Kunst als medicijn.
In de galerie is momenteel ook werk te bewonderen van internationale kunstenaars in het kader van ‘ global inspirations’, dat tevens een uitgebreide tentoonstelling heeft in de Meelfabriek en Museum de Lakenhal in Leiden. Oa Charlotte Schleiffert, Bert Teunissen, Malte Wendel, Melanie Bonajo en Fhrettin Orenli. Zij laten zich inspireren door (een mix van) andere culturen, wat er nog rest aan ouderwets primitief leven (Balkan), hoe Afrika het afval van het Westen verwerkt tot kunst, en hoe Afrikanen leven na terugkeer uit Europa, zou de mens van planten afstammen dan keren we eens weder tot de jungle, en de Surinamer Remy Jungerman die winti religie letterlijk met rituele witte klei verwerkt in schilderdoeken in contrast met een doek met daarop in het klein het zwarte vierkant van Malevitch.
Veel openlijke en verborgen dialogen met de kunstgeschiedenis, volgens mij wel een van de meest opvallende rode lijnen in deze bedrijfscollectie.
Voor de deuren van de kamers van de Raad van bestuur staan 6 grote kanonslopen van keramiek,, omgekeerd, rechtopstaand in het gelid, meer dan manshoog, op deze specifieke plek vol symboliek. Zo gaat kunst een dialoog aan met de locatie.
Onvermijdelijk komt er ook politiek en strijd om de hoek kijken bij het opbouwen en onderhouden van zo’n bedrijfscollectie. Maar wat een baan, als je met andermans geld zelf kunstenaars mag uitkiezen en je als kunsthistorica je eigen visie en smaak in de materiele wereld mag (laten) neerzetten!
Er ontstond chemie tussen onze groep en deze kunsthistorica, die zich gevoed en geïnspireerd voelde door de professionele feedback en waardevolle reacties van onze leden van de Kunstkring. We hebben een kunstzinnig visitekaartje afgegeven!
Nicky Naaijkens

 

 

De dans van Oost en West, een atelierbezoek bij Elly én Ton Dolman
De kunst van het snel en trefzeker schilderen met zwarte inkt. De kunst van het weglaten, zodat het transparante licht van wit rijstpapier suggestief ruimte en vormen schept. Swingende dynamiek van dansende figuren, weergegeven met een paar lijnen, strepen en vlekken.
Op een mooie zomerdag begin juli was de Kunstkring bij Elly Dolman in Veldhoven. Een huis vol tekeningen in de techniek van sumi-e, gecombineerd met prachtige subtiele aquarelkleuren. Ellycvereenzelvigt zich met dansende mensen, met de lijnen die hun bewegende lichamen tot leven wekken. Expressie van wat de mens beweegt. Mappen vol schetsen en tekeningen heeft Elly ons laten zien, de prachtige gelukte exemplaren, die door eindeloos geduldig en aandachtig oefenen een wereld oproepen, die je raakt tot diep in je vezels. In groot formaat, bijna levensecht. In klein formaat, in een leporello of laparella, een harmonicaboekje dat van links naar rechts en van rechts naar links gevuld is met bewegende figuren. Als een soort animatiefilm.
Geïnspireerd door de opera Don Giovanni van Mozart, waarin de bediende Leporello een boekwerkje bijhoudt met een lange lijst namen van alle minnaressen van zijn heer. Elly werkt ook in opdracht en exposeert, bijvoorbeeld in de schouwburg van Eindhoven met een lenticulair: een 3-in-1 drukwerk. Lenticulair is een 3D-interactieve druktechniek, waarmee men een verschillend beeld ziet al naar gelang de hoek van waaruit men kijkt. Er zijn in het drukwerk drie verschillende foto’s verwerkt van Elly en haar werk, die afzonderlijk naar voren komen of naar achter verdwijnen. Heel apart om te ervaren. In de serre, het atelier van Elly, hebben we allemaal stuk voor stuk zelf de sumi-e techniek mogen ervaren met echte kwasten uit China. Kwasten met een steel van zachtgroene jade, kwasten verwerkt in een hoornschelp, kwasten met prachtig bewerkte houten stelen. Een kunstcollectie op zich. De kwasten hebben een dikke en lange bos (dierlijke) haren en zuigen veel water op, zodat er maar weinig inkt nodig is om lang te kunnen schilderen. Met het variëren van de druk op de kwast en de hoek van de kwast op het papier ontstaan prachtige tonen en structuren. Zo wordt werken in zwart-wit toch een soort kleurervaring. Elly voegt regelmatig aan haar figuren een streep aquarelkleur toe, om een lijn te accentueren, een achtergrond te suggereren en sfeer te creëren. Het is ongelooflijk wat er ontstaat aan beeld, indruk en suggestie door een schijnbaar simpele streep kleur. Non-figuratief en toch werkt het heel sterk beeldend. Wat een feest voor de zintuigen! Dankjewel Elly voor zoveel schoonheid.
Nicky Naaijkens

 

 

Rondleiding in De Pont op 21 maart
Rondleiding in De Pont langs de werken van wereldreiziger Isaac Julien en reiziger Emma van der Put. Eigenlijk valt er niet zo veel te melden. Behalve dat ik hels werd van de kitscherige foto's van Julien die door een idioot groot team van deskundigen onder de beste omstandigheden gemaakt zijn. Niets wordt aan het toeval overgelaten. Het vast te leggen onderwerp, laten we zeggen een vrouw die emigreert voor een betere toekomst blijkt toch niet helemaal gelukkig, wordt gespeeld door een bekende actrice die precies weet hoe je een “ik ben toch niet helemaal gelukkig” gezicht trekt. Want Julien legt de werkelijkheid vast, en dan kun je maar beter niets aan het toeval overlaten. Zo klaar. 'Least said is soonest mended'. Nee dan de hermetische filmpjes van Emma van der Put. Het is mij een raadsel waarom ik in een museum moet worden lastig gevallen met de vraag waarom sommige onderwerpen de kunstenaar een ongemakkelijk gevoel geven. Ik dacht dat de kunstenaar er nou juist is om mij een ongemakkelijk gevoel te geven. Maar genoeg over Julien. De video van Emma die ze gemaakt heeft op het Brussels centraal station, trof me wel. Ook al is het zelfde al vele malen veel beter gedaan. Het eeuwige “Waarom dit lijden?”. Nou bijvoorbeeld omdat kunstenaars er schandalig veel geld mee kunnen verdienen. Maar geen woord meer over Julien. In de video van Emma ligt een typisch dakloze aan alcohol verslaafde bedelende zwerver te slapen onder een gigantisch Billboard die 'Geluk is een keuze' moet promoten. Ironie? Cynisme? Onverschilligheid? Onvermogen van de samenleving? “Who cares? Zolang er geld aan verdiend kan worden moet je het vooral zo laten.” Als de video van de hand van Julien was, zou het Billboard speciaal voor die video gemaakt zijn. Inclusief de graffiti die de situatie lijkt te becommentariëren. En de zwerver zou gespeeld worden door Gijs de lange, in door Victor & Rolf ontworpen lompen. Dat doet me aan iets anders denken. Die reclame campagne van dat ene kledingmerk. Die veel te dure kleding werd door uitgebuite arbeiders gemaakt. Het ging de fotograaf van die foto's vooral om het blootleggen van de hypocrisie. Het feit dat een multinational de vaak shoqerende foto's gebruikte om zijn spulletjes aan de man te brengen bewijst wat mij betreft dat de missie van de fotograaf geslaagd is. Na de flits rondleiding van een uur bezocht ik PARK waar ik zeer aangenaam werd verrast door het werk van Hans Vijgen. Ook een reiziger maar dan in zijn hoofd. Daar heeft hij een wereld gecreëerd op de 51e breedtegraad (die dwars door zijn woonkamer loopt). Het tastbare resultaat is een prachtig gesamtkunstwerk dat het midden houdt tussen een archeologische opgraving en de blauwdruk van een projectontwikkelaar. Origineel, fantasierijk en in tegenstelling tot de de video-art van Isaac Jullien iets dat je gezien moet hebben. Tot slot wil ik het nog wel even opnemen voor Isaac Julien. Want als Benetton het mag, en Damien Hirst mag het, en al die anderen mogen het ook? Waarom zou Isaac Julien het dan niet mogen?

 

Kunstkringledenkunst in Galerie Kokon

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto's: Beatrijs van der Weijden

 

 

PhotoBreda en Romantiek, rondleiding door Yolande Maans
5 oktober, een prachtige zonnige dag. Yolande leidt ons rond door het museum en over het’ Chasse’. Het is alweer de 6de editie van Photo Breda. We gaan de Romantiek in de ruime betekenis van het woord zien. Dit verslag is een impressie van de rondleiding. De rondleiding begint in het museum; Wees zelf Der Wanderer. Op een schilderij van de Duitse schilder Casper Friedrich(1774-1840) staat een man met zijn rug naar de kijker, hij kijkt naar een mistig landschap met bergen, voor velen een bron van inspiratie. Wij zijn voor 2 uur Der Wanderer.
Jan Rosseel, Belgie legt een wonderlijk verband met de 1ste wereldoorlog en de Romantiek, hij laat een aantal attributen zien behorend bij het verhaal: Oorlog en terpentijn in beeld. Een verhaal vol tragiek, heroïek, van verloren liefde en gedwongen keuze voor een ander. Een verhaal van een soldaat die liever schilder had willen zijn.
Martijn van de Griendt, Nl, hij fotografeerde ‘zijn meisjes’, die hij nog maar net benaderd had; beiden geven zich bloot. De meest naakte foto is het minst spannend!
Bert Danckaert verbleef langere tijd op Brussels Airport en legde op een bijzondere manier beelden vast, beelden waar je op weg/onderweg niet bij stilstaat.
Fotograaf de Vaderlands Koen Hauser zegt dat geluk een moeilijke emotie is om vast te leggen, hij heeft daar zijn manier voor gevonden door de personen uit de foto te knippen en te bewerken.
Ook de Japanse fotografie laat zich niet onbetuigd: Asako Narahashi is een van de bekendste, hij maakt foto’s van land lucht en water, waarbij je als kijker niet meer weet waar jij je bevindt. Hal maakt bevreemdende foto’s van koppels vacuüm verpakt.
Alle bewondering voor de boeiende en deskundige rondleiding door Yolande Maans fotograaf io, zij is vrijwilligster bij Photo Breda, zij wist ons door de persoonlijke ontmoeting met een aantal van de 54 fotografen net haar persoonlijke tintje aan de rondleiding te geven.
Marij Schoonen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zondag 7 september: Atelierbezoek bij Marja van Reijen
Ik ben wel vaker in het atelier van een kunstenaar geweest. En dan moet ik me altijd erg inhouden om niet overal aan te zitten. En als ik gerust rond mag kijken, hoor ik na een poosje “wat ben je aan het doen?” En dat begrijp ik heel goed. Als ik kunstenaar met een atelier zou zijn, zou ik nooit iemand binnenlaten, bang als ik was voor opmerkingen als “is dit nou kunst?” of “hier ben je zeker nog mee bezig?”
Nee dan Marja. Ze kondigt meteen aan dat we straks overal mogen komen, overal aan mogen zitten, en overal in mogen kijken. Dat is niet aan dovemansoren gericht. Dus terwijl Marja een en ander laat zien en geduldig antwoord geeft op alle vragen, begin ik stilletjes rond te struinen. Ik ben erg nieuwsgierig naar een hele grote goedgevulde tekenmap. Ik zie geschilderde tekeningen van mensen. Jonge mensen. Jonge feestvierende mensen. En op de achtergrond hoor ik Marja vertellen over de ongetwijfeld opwindende tijd van pal  na de oorlog, toen de wereld opnieuw moest worden uitgevonden. Als moderne jonge vrouw  begon Marja toen aan een academie in oprichting waar – naar eigen zeggen – eigenlijk alleen maar feest gevierd werd.
Wat mij bij het gesnuffel opvalt is het minimalistische karakter van haar werk. Geen details en nauwelijks kleur. Waar ik ook kijk zie ik veel dat schetsmatig aandoet. Een paar dikke zwarte korte vegen zetten iemand neer die hier zojuist nog nonchalant tegen de muur stond, en al weer lang is verdwenen als de schaduw nog op moet lossen. Andere schilderingen tonen jonge mensen in sterk close-up die brutaal en betrapt onze wereld inkijken zodat je haast uit gêne de blik wilt afwenden. Ik zie gekrabbel op papier. Probeert hier iemand een potlood uit zoals je met een pen doet die niet wil schrijven? Of zien we hier eindeloze lege landschappen onder een loodgrijze lucht? Waar ik ook kijk, zie ik eenvoud en versobering. En dan kom ik het allermooiste tegen. Weer jonge mensen. Meisje; jurkje paardestaart limonade met een rietje, doet net of ze niet ziet hoe de  jongen met glas bier leunend op een tafel, naar haar kijkt. En dat alles met een paar eenvoudige contourlijnen. En dan ben ik weer even het driejarige jongetje dat op een regenachtige lentedag aan de hand van zijn moeder langs een hypermodern winkelcentrum dribbelt. Beneden winkels, boven flats. Strakke lijnen van beton en grote lege vlakken van glas. En ik loop langs een grote ronde reclamezuil waarop een grote affiche in simpele lijnen de komst van het circus aankondigt. Lezen kan ik nog niet, maar de boodschap begrijp ik heel goed. Clown. Olifant. Tent. “Circus!” roep ik verrukt uit.  En steeds wanneer ik zo'n  simpel tekeningetje zie op bijvoorbeeld een pocket boekje van Annie M.G. Schmidt, ben ik weer even net zo gelukkig als op dát moment. Misschien wel net zo gelukkig als Marja en haar feestvierende leeftijdsgenoten pal na de oorlog, toen de wereld weer opnieuw moest worden uitgevonden.
Rest mij nog Marja heel hartelijk te bedanken voor haar enorme gastvrijheid en haar inspiratie.
John Segers

 
Passages passanten (Marja van Reijen)
Foto's van de website:
www.marjavanreijen-art.nl

 

 

 

 

Jeff Wall, Stedelijk Museum in Amsterdam, 31 juli
Op 31 juli hebben we met 11 personen de tentoonstelling van Tableaux Pictures en Photographs bezocht in het Stedelijk Museum in Amsterdam. De rondleiding van Floortje was een zeer interactieve rondleiding waarbij je als kijkers sterk betrokken werden bij de foto’s. We werden deelgenoot gemaakt van de wording van de foto’s en actief geprikkeld om zelf invulling te geven aan wat we zagen en wat Jeff Wall ermee wilde zeggen. Hij wil een beeld creëren wat hij in zijn hoofd heeft. Dat doet hij door situaties te ensceneren die de sfeer oproepen. Hij is sociaal realistisch begaan met zijn onderwerpen. Hij werkt met samengestelde foto’s en reconstrueert dan de situatie voor de camera, het lijkt dan een snapshot. Wij kijken 1 op- 1 naar de foto en worden er onderdeel van.
Het was heel leuk om zo actief samen te kijken naar de foto’s, het had een duidelijke meerwaarde voor ons, anders zouden we er toch sneller langs gelopen zijn en er niet zo veel in gezien hebben en er deelgenoot van geworden zijn. Iedereen heeft het als zeer prettig ervaren en er was veel waardering voor de rondleidster.
Marie-Louise Elias

 

 

 

 


Foto's: Marie-Louise Elias

 

 

 


Dan Graham

 

 

 


Landart

 


Paalwoning

 

 


 

 

 


Paard-en-vlieg

 

 

 

 

 

 


Dubbelziend

 

 

 

 

 

 

 


Henri Moore

 


Atelier Van Lieshout

 


Foto's: Chiel Janssen

 

 

 

 

 

 

 


Foto's: Marie-Louise Elias

 

 

 

 

Een dagje Helmond

Wie met de trein in Helmond arriveert zou eigenlijk het liefst in de trein blijven zitten. Een modern, functioneel, dus lelijk station aan een verkeersplein dat door een halfrond kantoor complex wordt omsloten om de intimiteit te waarborgen. Persoonlijk hoef ik dan eigenlijk al niet meer. Maar achter dat lelijke kantoor complex ligt een zowaar een prachtig kasteel dat een van de twee locaties van het gemeente museum blijkt te zijn. Het zou een prima plek zijn geweest voor de allereerste Nederlandse expositie van het werk van de Franse fotograaf Nicolas Dhervillers. Maar nee, dat mooie kasteel wordt verhuurd voor feesten en partijen want dat 'zet je Helmond op de kaart'. Voor het monumentale werk van Dhervillers moet je naar de dependance van het Helmonds museum de zogenaamde Bocotondohal. Een spuuglelijk 13-in-een-dozijn nieuwbouw in het centrum van Helmond.

Dhervillers is een jonge kunstenaar (1981) die op het eerste gezicht nogal kitscherig werk maakt. Het lijken geen foto's maar eerder schilderijen van een naturalistische omgeving met daarin een eenzame figuur die zo uit het werk van Paulus Potter lijkt te zijn gestapt. Dat laatste blijkt te kloppen want Dhervillers maakt gebruik van knip en plak technieken, en geeft zo elementen uit 19e-eeuwse doeken een nieuw leven in een nu gefotografeerd 19e-eeuws aandoend decor. En dan valt op dat nergens de zon schijnt, maar ook nergens een wolk te bespeuren valt. En toch is er fel licht dat uit de nietige figuurtjes op hun omgeving lijkt te vallen. Ze stralen als heilige beelden. En hier verraadt de fotoschilder zijn herkomst. Hij is namelijk begonnen als film lichttechnicus en maakt gebruik van de zogenaamde 'day for night' techniek waarbij door middel van filters overdag scenes worden gedraaid die zich 's nachts afspelen. Die kunstmatige nacht geeft het geheel een unheimische lading waardoor het idyllische plaatje uit de hoog romantiek iets verraderlijks krijgt. De andere foto's op zeer groot formaat van met name vervallen fabriekscomplexen worden door die zelfde technieken juist milder van toon waardoor je de schoonheid gaat zien van datgene dat het daglicht kennelijk niet verdragen kan.

Technisch
Dat Dhervillers zijn foto's op dat formaat kan afdrukken heeft natuurlijk alles te maken met de moderne technieken die hem ter hand staan. Zo hoeft hij zich geen zorgen meer te maken over de korrel en de snelheid van de film. Die korrel die vroeger bij het vergroten een puist werd blijft nu een minuscuul puntje dankzij de miljoenen pixels per inch. “En waar had u het licht gehad willen hebben?” “Nou daar, of nee... daar.” U roept en de software draait. En daarna geen geknoei met fotopapier in chemische baden maar gewoon uit laten printen door een inktjetprinter die qua techniek nauwelijks verschilt van dat ding dat wij allemaal op het bureau hebben staan. Dhervillers heeft zijn afbeeldingen op aluminium gedrukt. Ik vermoed dat je zo nog minder goed ziet dat het foto's zijn. Ja die techniek. Maar om het ons allemaal te laten zien heb je toch iets menselijks nodig. Geen gids, maar een oog. Een mensenoog.
John Segers

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto's: Yolanda Maans

 

 

Francis Bacon in het Noordbrabants Museum, Den Bosch, 21 april (1)
Als kind werd ik heel regelmatig door mijn vader meegenomen naar musea, voornamelijk in Parijs en daar genoot ik enorm van. Ik leerde om kunst te zien en te voelen. Op de een of andere manier kon ik heel gemakkelijk de ge-moedstoestand (zoals bij voorbeeld sereniteit, levendigheid, duidelijke obser-vatie, droomervaring, genialiteit, originaliteit e.d.) van de kunstenaar ervaren.
De definitie die ik aan Kunst geef om zelf te bezitten, is kunst die blijheid, inspiratie, keer op keer fascinatie veroorzaakt; werk dat gemaakt is door geïnspireerde kunstenaars; door mensen die werken om schoonheid te creëren. Maar er is ook kunst die gemaakt is door gefrustreerde, boze, verdrietige, depressieve kunstenaars, waarin ze al hun emoties en ellende op het doek projecteren. Ook dat wordt kunst genoemd, maar wat mij betreft is dat in ieder geval geen kunst om in eigen bezit te hebben. Een van de ergste voorbeelden vind ik het werk van Francis Bacon. Picasso e.a. hebben ook wel van die periodes doorgemaakt. Tijdens de speciale rondleiding langs de werken van Francis Bacon, begon ik misselijker en misselijker te worden totdat ik op een gegeven ogenblik bijna moest overgeven. Nooit in mijn leven heeft een 'kunstenaar' mij zo ziek doen voelen!! Volgens mij heeft Francis al zijn eigen 'shit' op het doek verwerkt. Als ik geboeid, vol met prachtige en originele beelden op mijn netvlies een museum uitloop, dan heeft deze kunstenaar iets inspirerends met mij willen delen, maar als ik echt helemaal ziek uit het museum loop, dan is het voor mij het signaal dat de kunstenaar zelf zwaar ziek was. Zulk werk zou niet als kunst mogen worden aangeboden, maar ondergebracht worden in een separate afdeling van een museum van werk van psychiatrisch gestoorden. Wie kan dat werk mooi en boeiend vinden en het in zijn/haar bezit willen hebben?!!! Donna Kleipool

Francis Bacon in het Noordbrabants Museum, Den Bosch, 21 april (2)
In het vorige bulletin werd door Donna Kleipool stilgestaan bij Bacon en vooral wat zijn werk bij haar opriep, een gevoel van onpasselijkheid. Ik denk dat Bacon deze reactie op prijs zou stellen en zou waarderen om de openhartigheid. Het maakte mij nieuwsgierig naar wie Bacon is, wat zijn achtergrond was en welke intentie hij had. Eerder bezochten wij met de Kunstclub een tentoonstelling aan hem gewijd in het GEM in Den Haag, toen was me al opgevallen dat het geen ‘mooi schilder’ is. Bacon werd vlak voor de 1 ste wereldoorlog geboren.Hij stond benauwd in het leven door zijn astma. Het Engelse gezin woonde in Ierland en maakte daar de dreiging van de Ierse opstand mee. Door zijn Vader werd hij miskend vanwege zijn homoseksuele voorkeur. De 2de wereldoorlog brak uit. Het was de tijd waarin de massavernietigingswapens werden uitgevonden, een eeuw waarin 1 70 miljoen mensen door oorlogsgeweld om het leven kwamen. Dit was voor hem niet de tijd om prachtige stillevens van bloemen of weelderige buffetten te schilderen om de kijker te behagen. Hij wilde met zijn werk uitdrukking geven aan de existentiële angst die mensen ervoeren, dat was zijn intentie. Daarin lijkt hij geslaagd, want Bacon kun je niet zien zonder dat ook fysiek te ervaren. Bacon is vooral geïnteresseerd in smart en verdriet van de mens, hij deformeerde gezichten en menselijke figuren, gebruikte weinig kleur waarmee de vorm benadrukt wordt en het beeld des te intenser is. Van de geschiedenis moeten we leren dat kunst niet te verbieden is, denk aan de boekverbrandingen maar ook de strijd die Ai Wei Wei in zijn land zo creatief mogelijk probeert te voeren. Als kunst gecensureerd/verboden wordt , dan zijn we terug bij af. Bacon heeft bereikt dat we in debat gaan over de verschillende manier waarop we naar hetzelfde kijken en laten we dat vooral blijven doen. Ik vind Bacon een goeie schilder, hij raakt voor mij met zijn werk datgene waar soms moeilijk woorden voor te vinden zijn, de eenzaamheid van het menselijk bestaan. Marij Schoonen

Francis Bacon in het Noordbrabants Museum, Den Bosch, 21 april (3)
Donna had een zeer persoonlijk verslag geschreven over het bezoek aan Francis Bacon. Zij besprak in haar verslag een aantal thema’s:

  1. Wat voor kind was ik door mijn kunstopvoeding.
  2. Wat vind ik kunst om zelf te bezitten.
  3. Wat wil ik zien in een museum.
  4. Wat laat ik het werk van een kunstenaar, in dit geval Francis Bacon , met mij doen.
  5. Wat is voor mij 'schoonheid in de kunsten'.
  6. Welk type kunstenaars mogen werk als kunstuiting in een museum hangen + welke type kunstenaars moeten hun werk hangen in een separate afdeling voor psychiatrisch gestoorden.
  7. Tot slot: wie kan dat werk van Francis Bacon mooi en boeiend vinden en het in zijn/haar bezit willen hebben? !!!

Donna Kleipools conclusie was dat het werk van Bacon alleen maar walging opriep en dat de schilder een gek was omdat zij door allerlei gedachten misselijk werd van het werk van Bacon.
Ik had daarentegen met volle teugen genoten van het werk en de uitgebreide uitleg bij de rondleiding. Ben later nog een keer rustig gaan kijken naar de tentoonstelling. 
De reactie van Donna stond haaks op die van mij. Interessant. De teneur van haar artikel vond ik echter te kort door de bocht. Daarom reageer ik nu, na lang nadenken, op haar verhaal.
Laat ik starten met antwoord te geven op Donna’s slot: ik vind het werk van Francis Bacon o.a. mooi en zeker boeiend. Ik zou het wel in mijn bezit willen hebben (maar het lijkt me  te duur voor mij)
Ik wil een pleidooi houden voor “ kijken naar kunst  “.
Toen ik als  19-jarige in Amsterdam wekelijks naar het Rijksmuseum ging , bezocht ik 8 x de zaal waar het werk hing van Francis Bacon:  3  geslachte ossen en 1 kardinaal . De eerste keer dat ik het werk zag maakte dit werk een verpletterende indruk op mij: duister werk/ sinister al dat bloed/ dreigend en wreed. Toch trok het werk me. Het riep bij mij een aantal vragen op: Wat beweegt de kunstenaar? Wat raakt me zo dat ik dit werk dreigend vind? Wat moet ik met dit werk? Hoezo fascineert dit werk me? Wat stoot me af?
Steeds ben ik naar het werk van Francis Bacon-een persoon met een heel bijzondere levensgeschiedenis- gaan kijken. Die levensgeschiedenis komt in zijn werk tot uiting. Naast alle reeds boven beschreven gevoelens die zijn werk bij me oproept , vind ik het werk ook heftig, triest, symbolisch, ontroerend, prachtig van kleur- lijn- compositie, eigen en oorspronkelijk.
Als ik het werk van F.Bacon bekijk dan spelen al deze gevoelens en gedachten over hem + zijn werk een rol bij mijn waarneming.
Door het eigen kijken te onderzoeken , ontdek ik als kijker , wat er tijdens het kijken gebeurt. Dat levert zelfinzicht op. Je ontdekt dat je denken en oordelen gericht worden door je angsten, behoeften, voor- en afkeuren. Het gaat er echt om dat je dit zelf ontdekt . Dan maakt het kijken naar kunst je rijker.
Kunst werkt als een spiegel die je wordt voorgehouden: als je tenminste open durft te staan. De kunstenaar drukt het “onzegbare” uit.
In het verhaal van Donna kom ik bij haar wel het geraakt worden door de kunst van Bacon,  tegen. Dan volgt bij haar meteen een veroordeling van het werk en de persoon Francis Bacon. Ik hoop dat we in de Kunstkring dieper op kunst in kunnen gaan om te ontdekken wat er NOG meer te ontdekken valt. Dat is voor mij in ieder geval de functie van samen naar tentoonstellingen gaan.
Ik heb nog 2 tips:

  1. 'Filosofie van het kijken'- Kunst in ander perspectief. Door Mieke Boon en Peter Henk Steenhuis  ISBN 9 789047 700289.
  2. Museum Dokter Guislain in Gent. Te zien: werken van psychiatrische patienten: waar is de grens tussen gezond en gek.

Marianne Zantkuijl

 

 

 

 

Atelierbezoek gevolgd door nieuwjaarsborrel
Op 19 januari 2014 vond voor de tweede keer een nieuwjaarsbijeenkomst plaats van Kunstkring De Opening. Na het atelierbezoek van 2013 (Nico de Wit) werd dit jaar een bezoek gebracht aan PARK013, een verzamelgebouw van ateliers met een tentoonstellingsruimte. Zo’n 25 leden kwamen naar de expositie ‘Self Titled Space’ gevolgd door een kijkje in een atelier dat gebruikt wordt voor schilderlessen.
Onze gids die middag was Reinoud van Vught, een van de initiatiefnemers van PARK013. Op geheel eigen wijze maakte hij ons deelgenoot wat de verschillende werken bij hem opriepen. “Sta een wat langer stil bij een werk” was een advies dat hij ons gaf. En hij gaf informatie over kleurgebruik en stijl.
De meest opvallende werken waren een intrigerend schilderij van Eli Vingerling, een schilderij van Akexander Skrorobogatov, de werkplek van Nan Groot Antink voor het ontwikkelen van natuurlijke kleuren en een installatie van Jonas Wijtenburg (zie de website van PARK013-archief). Tot slot van deze excursie toonde hij een groot aantal schilderijen die hij recentelijk heeft gemaakt. Als tegenprestatie heeft De Kunstkring zich gemeld als vriend van Park.
Na de rondleiding ging het gezelschap naar galerie Kokon in de Stationstraat, waar de drankjes en heerlijke hapjes goede aftrek vonden. Het bleef nog lang gezellig. Dank aan Resy voor het ter beschikking stellen van de ruimte.
Marius de Jong

 

 

 

Enkele impressies naar aanleiding van de excursie in Arnhem op 9 maart, Hans Op de Beeck, Klaas Gubbels en de vaste collectie van het MMKA:
Mooie verrassende video's, maar of die ook na meerdere keren bekijken verrassend blijven? Bijvoorbeeld in vergelijking met Bill Viola. Dat vraag ik me af. Mooi weer voor een uitstapje, schoolreisjes sfeer. Ans de Beer

Schimmige beelden,
resten van een stad,
verdwenen kermis,
alles is illusie.
Gaande en scheidende mensen,
de naakte verwaterde mens, en wie zijn wij?
Wij kijken toe.
Cees den Teuling

Een excursie naar het MKKA, gehuisvest in een oud prachtig gelegen pand. De bediening was ingewikkeld omdat men alleen per tafel wilde afrekenen. De suikerbaronnen die het pand hadden gebouwd, zouden zich omdraaien in hun graf. Het MKKA is in de slag voor een nieuw pand, waar veel meer werken kunnen worden tentoongesteld als in het huidige. Jammer dat er geen suikerbaronnen meer zijn anders zouden zij geld kunnen inbrengen. Een van de prachtige video's van Hans, toonde de vergankelijkheid van suiker als er water bij komt. We hebben van de rondleider alle essentiele verschillen tussen realisme en neorealisme en de daarvan afwijkende werkelijkheid uitvoerig toegelicht gekregen. Marius de Jong

Een zeer geslaagd bezoek aan het MMKA, en niet alleen door het goede weer. We begonnen met een rondleiding door het neorealisme, de vaste collectie van het MMKA, daarna naar de video’s van Hans Op de Beeck. Zeer fascinerende beelden van geënsceneerde decors tot indringende beelden van de grote massa. Ton Dolman

Klaas Gubbels, alweer kannen en tafels dacht ik, die heb ik al zoveel gezien! Maar Klaas Gubbels wist me te verrassen met een kan een kop en een trechter en dat op 80-jarige leeftijd. Met zijn titel: ‘super saaie stillevens’ lijkt hij met een knipoog te reflecteren op eigen werk en dat moet kunnen op die leeftijd. In de toekomst moeten we op ARTA gaan letten, want het museum en de stad hebben grootse plannen voor de nieuwbouw van een kunstcluster. Hoewel de plek met uitzicht op de Rijn prachtig is. Marij Schoonen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto's Yolanda Maans

 

 

 

ME WE Koos Breukel
De excursie naar het fotomuseum in Den Haag ging niet door. Toch is het alleszins de moeite om de expositie van Koos Breukel te gaan zien.
Koos Breukel is de beste portretfotograaf van Nederland. Zonder twijfel. Zijn werk duikt op in goede tijdschriften en de betere kranten. Het zijn steevast indringende portretten en altijd integer.
In de tentoonstelling ME WE gunt Breukel ons een kijkje in zijn keuken, of liever in zijn huiskamer die ook zijn fotostudio is (al neemt hij af en toe een mobiele studio mee om op locatie te kunnen fotograferen.) En een kijkje in zijn persoonlijke leven.
In de achterzaal van het museum is deze huiskamer/studio deels nagebouwd en kun je naar een video in de serie ‘Hollandse Meesters’ kijken. Daarin vertelt Koos Breukel over zijn manier van werken.
De mensen die bij hem aanbellen voor en portret, observeert hij nauwlettend:
Hoe snel of hoe traag bewegen ze? Waar kijken ze naar? Hoe klinkt hun stem? Hoe drinken ze hun koffie?  Wanneer glimmen hun ogen?
Tijdens het fotograferen babbelt Koos wat met ze en geeft terloopse aanwijzingen: "hoofd ietsje naar boven, kijk eens naar rechts..." En ‘klik’ het staat er al op!
Hij treft altijd net dat ene moment dat alle decorum wegvalt, dat het model ontspant en vergeet dat hij of zij gefotografeerd wordt. Het maakt Breukel niet uit wie er voor zijn lens komt. Iedereen is gelijk: beroemd of onbekend.
Loes Luca zou net zo goed de buurvrouw van hiernaast kunnen zijn en Ruud Lubbers de gepensioneerde melkboer. De jonge vrouw vol brandwonden wordt een filmster. Miepie een travestiet om verliefd op te worden. Zelfs Maxima is op zijn foto een gewoon mens met een mal diadeempje op het hoofd...
Maar nog indringender zijn de foto's die Koos maakte van zijn familie, vrouw, zoons, vader, moeder, en van bevriende fotografen en kunstenaars (Roy Villevoy, Stephan Vanfleteren, Lucian Freud).
Recht voor zijn raap: tijdens de bevalling, bloot, doodziek, morsdood. Altijd met liefde of genegenheid geportretteerd. Je voelt je haast beschaamd dat je zoveel intimiteit mag zien.
De tentoonstelling en het boek volgen de levenscyclus van geboorte naar dood. Bekende en onbekende mensen door elkaar heen. Meestal in zwart-wit soms in gedempte kleur. Altijd goed. Mooi gepresenteerd. Kijken dus! Het kan nog tot en met 12 januari 2014.
Jan Glorius

 

 

 

 

 

Noord-Brabants Museum en Stedelijk Museum Den Bosch 22 september 2013

 
Na wat strubbelingen bij de ticketapparaten konden we beginnen aan ons eerste bezoek aan het door Architectenbureau Bierman Henket verbouwde museum. Waar vroeger het restau-rant was loopt nu een prachtige lange glazen pui richting Stedelijk, heel hoog en ruimtelijk met zicht op de prachtige tuin en de vierhonderd jaar rode beuk. Met onze rondleidster togen wij naar buiten om over de geschiedenis van het ‘Paleis’ het een en ander te horen.
Wat nu het museumkwartier is was in de 18de eeuw een soort klein Rome, de Jezuïeten huisden in het paleis. Het was een sjieke en levendige buurt. In de Franse tijd heeft Napoleon er gewoond, vervolgens was het een militair hospi-taal, eind 1800 werd er het rijksarchief gehuis-vest met zoveel ambtenaren in dienst dat er twee verdiepingen werden gebouwd en dat is goed te lezen in Gotische stijl.
Toen weer naar binnen naar de gerestaureerde feestzaal in prachtige kleuren. Dit was vroeger de kerk van de Jezuïeten en later gebruikte de gemeentelijke provinciale staten de zaal als ver-gaderruimte. Nu ook als concertzaal in gebruik.

Richting entree Stedelijk Museum die werkelijk adembenemend is, groots, licht, met een prachtige gedraaide trap naar de twee verdiepingen. In deze hal heeft Henket de muren bekleed met enorme grote glazen panelen, gemaakt door Tilburger Stef Hagemeier. En dan naar de balie voor alweer een ticket voor het Stedelijk! Maar… wat voor een balie, een ontwerp van de Braziliaanse Campana Brothers, prachtig gestapelde platen hout die zich vanaf de balie golvend langs de muren uitspreiden richting museumwinkel. Bij de entree van het auditorium is de hele ruimte bekleed met hele koeienhuiden, allemaal heel aaibaar vooral het golvend hout, en dat gebeurt dan ook. Verder in het museum valt direct het licht op, Henket heeft op de grote zaal een glazen shetdak geplaatst waardoor het licht binnenstroomt, mooi. En overal in het museum fraaie doorkijkjes op de binnenstad van Den Bosch.
Ans de Beer

 

Wie jarig is zorgt voor een feestje, Fundatie Zwolle 16 augustus 2013
Kunstkring de Opening bestaat 20 jaar en het bestuur heeft voorgesteld dat een extra tintje te geven door een uitstapje naar Zwolle en Heino, de gemeenten waar Museum De Fundatie gevestigd is. Om 9 uur vertrok de bus uit Tilburg met 25 personen die zich hadden opgegeven. Het werd een heerlijke dag met mooi weer, een zeer voorspoedige reis (heen en terug). Gezellig gekeuvel in de bus met een kopje koffie erbij. Voor we er erg in hadden waren we al in Zwolle en van verre zagen we al de nieuwe opbouw op het dak van het museum (de voormalige rechtbank). Twee uitersten, een statig strak vierkant gebouw en een blauwe ballon van duizenden gebakken tegeltjes als een soort wolk, waarvan je denkt dat die met het gebouw eronder zo maar weg kan zweven. Het museum is van binnen helemaal opgeknapt, met als pronkstukken de door de wolk gecreëerde binnenruimte, met een prachtig uitzicht over de oude stad en de zeer prominente stijlvolle glazen lift.
Ons uitstapje begon met een korte introductie van de verschillende exposities. Veruit het meest vielen de foto’s van Peter Henket (de zoon van de architect die de verbouwing uitvoerde) in de smaak. Het zijn geen foto’s die alleen weergeven wat door de lens wordt gezien, maar hij manipuleert die werkelijkheid op fascinerende wijze met licht en kleur. Zijn foto’s raken daarmee de schilderkunst. Je blijft er naar kijken en je verbazen. Fascinerend. Verder was er een expositie over kunst tijdens de Weimarrepubliek, in de periode tussen de 1e en 2e wereldoorlog. Met een grote hoeveelheid spotprenten over het opkomende nazisme en de neerslag van de grote armoede na de verloren oorlog.
Jeroen Krabbe tenslotte exposeerde aan de hand van zijn vroegere kindertekeningen nieuwe schilderijen waarin zijn vroegere tekeningen herkenbaar zijn en zijn ouders veelvuldig figureren. Het is enerzijds terugkijken en herontdekken en er een nieuwe dimensie aan toevoegen. De dimensie van de kracht van de verbeelding tegen de altijd op de loer liggende eenzaamheid.
Na dit geslaagde bezoek ging de tocht door het mooie land van de Achterhoek naar Heino, waar in het prachtige landgoed van kasteel Het Nijenhuis maar liefst 77 beelden werden geëxposeerd. Je kon er lekker buiten ronddwalen en genieten van het mooie weer. En als je nog puf had kon je ook het kasteel nog bezoeken, met zijn talloze zalen en ruimtes met authentiek meubilair en de dominerende schildertijden van Hieron Pessers. Maar al snel waren we toe aan een lekker glas bier of wijn om daarna de terugreis aan te vangen. Het was een leuke verjaardag, getuige de leuke reacties van de deelnemers.
Marius de Jong

 

 

 

 

 

      

 

    

 

 

 

\

 

  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto's van Herman, Pien en Marie-Louise

 

 

 

Excursie Fundament Foundation, 'Slow Burn – an index of possibilities' Spoorzone, zondag 23 juni 2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto's en collage Yolanda Maans

 

 

 

De Pont door de expo van Katharina Grosse
Zaterdag 18 mei zijn we onder leiding van onze gids Nicole Royers voortreffelijk rondgeleid in de Pont door de expo van Katharina Grosse. (Freiburg, 1961)
Wat gelijk opvalt zijn de enorme formaten van al haar werk. De grote hal is gevuld met 68 fel gekleurde ballonen, die ter plekke met een verfpistool zijn bespoten. Voor dit proces is het interieur van de Pont helemaal afgeplakt geweest met plastic, wat jammer genoeg voor de expo verwijderd is. Het had mijns inziens wel een extra dimensie gegeven aan de totale installatie. Het liefst had Katharina de hele ruimte onbeschermd mee gespoten, wat ze vaak wel doet. Gaandeweg de weken van de expo lopen de ballonen iets leeg, waardoor de strak gespannen huid rimpelig wordt en steeds een ander beeld geeft. De directeur Hendrik Driessen noemt deze schilderkunst installatie “een sensuele ingreep van ronde vormen in een strakke industriële omgeving”. Het overvolle kledingrek tussen de ballonen geeft een persoonlijk tintje en zorgt voor een zeker maatgevoel. Voor ieder werk beperkt ze haar kleurgebruik, maar uiteindelijk laat ze alle regels los en voegt ze vele kleuren toe. Vanaf 2000 is ze begonnen met het gebruik van de verfspuit, waaraan ze zand is gaan toevoegen en later is ze  gaan werken met sjablonen. Met deze verfspuit kun je niet mengen en iedere nieuwe kleur markeert daarom een volgend moment in de ontstaansgeschiedenis. Er ontstaat diepte doordat ze laag over laag aan brengt. Door het doek overeind te zetten ontstaan er ‘druipers’. Behalve een twaalftal grote schilderijen heeft ze ook een soort “zwerfkei” gemaakt. Het is een stapeling van langgerekte vormen van styrofoam ( hardschuim), die ook ter plekke door haar zijn bespoten. De uitgespaarde vormen van de sjablonen bij haar schilderijen lijken weer op het ontwerp van deze installatie.
Al met al een zeer interessante expo en het vermogen waarmee ze de grote zaal weet te bespelen verraadt grote deskundigheid.
Yolanda Maans

 

 

 

 

 

 


Foto'sYolanda Maans

 

 

 

 

Van Abbemuseum 7 april 2013
Rhii’s tentoonstelling is getiteld ‘Walls to Talk to’. Haar naam laat zich niet makkelijk uitspreken en haar kunst spreekt niet voor zich. Marion de Groot laat ons zien hoe de kunstenaar haar leven van nu tot kunst maakt. De tentoonstelling begint met haar verbeelding van een vlieghaven, waarvoor zij het Van Abbemuseum omtovert tot een Airport Romance. Zij raakt aan de gevoelens van ontheemding, van alleen in de massa, de scans van je dierbare persoonlijke bezitting, de plaats waar afscheid genomen wordt, de plaats van weerzien, een plaats voor angst en spanning om toelating. Zij gebruikt rommelig materiaal, plaatst een vrolijke koe op de NL luchthaven. De wereld is bereikbaar, maar is die wereld wel zo vertrouwd! 'Lie on the Han River': zij brengt de plek in beeld waar twee geliefden bij elkaar komen. De twee kunstenaars hebben tegengestelde opvattingen. De een die zich maatschappelijk conformeert en de ander die zich niet wil engageren, niet werkt, niet onder invloed van het systeem wil raken, antikapitalistisch. De relatie is onhoudbaar, de emoties zijn er niet minder om. In grote letters staat op de geliefde plek: 'Come Back'. De 'Right Studio' bestaat uit een prachtige installatie van houten stempels die d.m.v. een voetbeweging een afdruk op de muur maken. 'Moving floors' laat je letterlijk voelen hoe het is om geen vaste grond onder de voeten te hebben. De materialen die zij gebruikt zijn rommelig, de rommel stelt ogenschijnlijk niets voor, maar wie bepaalt wat kunst is, of maakt het verhaal, de rommel tot kunst tot betekenisgeving! Hoe dan ook je ontkomt niet aan een gevoel van ontheemding als je je eigen omgeving verlaat en dat heeft Rhii krachtig tot uitdrukking weten te brengen. Jewyo Rhii is geen kunstenaar die wil behagen, zij probeert ons deelgenoot te maken aan haar ontheemde leven. Waar zal haar kunst betrekking op hebben als zij in haar leven rust vindt of is zij gedoemd eeuwig te blijven reizen in het kader van haar kunst?
Lissitzky-Kabokov, de tentoonstelling is getiteld: Utopia en werkelijkheid. Beide kunstenaars belichten het politieke systeem. Lissitzky kijkt verwachtingsvol vooruit naar de nieuwe Sovjetstaat en Kabokov kijkt terug wat er van die verwachtingen uitgekomen is. Lissitzky dacht dat het loskomen van de aarde, van de zwaartekracht zich in de zeer nabije toekomst zou ontwikkelen en loopt daar in zijn ontwerpen op vooruit door zwevende steden te creëren. Kabokov onderzoekt binnen de beperkingen van het sy-steem de abstracte kunst, experimenteert met witte vlakken met daarin folkloristische randversieringen. Openlijke maatschappijkritiek is uit den boze. Waar Lissitzky heldere vormen bedenkt, werkt Kabokov met rommel, een doos met rotzooi. De werkelijkheid is in stukken uiteengevallen. Waar de een een monument voor de leider bedenkt, bedenkt de ander een monument voor de tiran. Kabokov katapulteert een man in de ruimte de felbegeerde vrijheid tegemoet, Lissitzky ontwerpt ruimte waarin mensen graag vertoeven. Beide kunstenaars laten zich in hun verbeeldingskracht niet beperken tot wat nu mogelijk is, er is zoveel vertrouwen in de toekomst, alles zal straks kunnen in artistiek, technologisch en politiek opzicht. Met deze tentoonstelling wordt een wereld die zo ver weg lijkt, van nabij gezien door twee kunstenaars die hun artistieke vrijheid namen binnen de beperkingen van het Sovjetsysteem. Het was een zeer geslaagde rondleiding, waarbij wederom blijkt dat kunst, cultuur en politiek onlosmakelijk verbonden zijn.
Marij Schoonen

 

 

 

 

 


Foto's Herman Wortmann

 

 

 

 

 

Architectuurrondleiding in Het Stedelijk Amsterdam, 28 februari 2013
Op 28 februari togen we vol verwachting naar Amsterdam om eindelijk het vernieuwde Stedelijk te bewonderen. Met de trein en de tram. Zo arriveerden we bij de oude vertrouwde ingang aan de Paulus Potterstraat. Alles nog hetzelfde, het bakstenen en zandstenen neorenaissancegebouw van Adriaan Willem Weissman uit  1895. Je mag er alleen niet meer naar binnen, dat is aan groepen voorbehouden. We lopen om, ongezellig koud en winderig, en komen aan bij de nieuwbouw, de badkuip met veel glas, modern materiaal en vooral wit. De ingang aan het Museumplein precies tegenover de oude ingang. We nemen nog geen afstand van de gevel, willen eerst naar binnen. De rondleiding begint om 13.30 uur. We hebben daarom nog uren om ons eigen programma te draaien en daar genieten we van. We zijn met 15 mensen. De rondleiding begint in de oudbouw bij de oude entreehal en de bekende trap. De grote glazen toegangsdeuren zijn weer in ere hersteld, ontdaan van de oude houten betimmering. Onze rondleidster vertelt hoe directeur Sandberg in 1938 het museum binnen wit liet verven, zodat de moderne kunst er beter in uit zou komen. Hij liet dat doen toen terwijl hij met vakantie ging en wachtte niet op de toestemming van de gemeente. En zo namen gedane zaken geen keer. We gaan een van de twee zijvleugels in, de afdeling vormgeving. Erg mooi, maar daar zijn we niet voor gekomen. Ans spoort ons en vooral de rondleidster aan om toch vooral naar de nieuwbouw te gaan. De nieuwbouw, een ontwerp van architectenbureau Benthem Crouwel, wordt op de begane grond volledig in beslag genomen door publieke functies: kaartverkoop, winkel, garderobe en restaurant. In de kelder en op de bovenverdieping zijn de nieuwe expositieruimtes voor speciale tentoonstellingen. Door de nieuwbouw is de expositieruimte verdubbeld. We zien de enorme ruimte, de openheid, de hoeveelheid licht en de vorm, de badkuip. Later zie ik op de website van het museum dat Mels Crouwel zelf deze naam geïntroduceerd heeft, omdat toch al verwacht werd dat het gebouw een bijnaam zou krijgen. Het gebruikte materiaal is een poly-/composietverbinding hangend aan een stalen constructie. De wanden zijn naadloos afgewerkt en wit gespoten. Het geheel maakt hierdoor een luchtige indruk, nog geaccentueerd door de naar beneden dun uitlopende dragende poten. Het mooie van de aanbouw is dat het nieuwe deel ongemerkt overgaat in het oude. Daaraan werkt de binnenafwerking van het gebouw mee. Bewust is in de beide delen gekozen voor dezelfde kleur wit, dezelfde vloer, dezelfde belichting en dezelfde maat van de doorgangen in de muren. Dit in tegenstelling tot de buitenkant waar het oude museum uit 1895 en de nieuwe aanbouw uit 2013 duidelijk door hun stijl onderscheiden zijn. In de hal hangt op de achterwand bij het restaurant een enorm wandkleed van Petra Blaisse in zwart-wit en grijstinten. Het is 14 meter hoog en speciaal ontworpen voor deze muur. De onderwerpen gaan over de plattegrond van het museum en de vroegere ligging in het tuinbouwgebied rond Amsterdam. We dalen de brede overzichtelijke trap af naar de kelder. In de hal zien we naast de trap een enorm hoge roltrap die direct naar de eerste verdieping gaat. Hij slaat daarmee de entreehal over. Het is mooi en functioneel. Je kunt op die manier de bezichtiging van een tentoonstelling zonder grote onderbreking voortzetten. We lopen door de tentoonstelling van Mike Kelley, die zeer de moeite waard is, maar dat is een ander onderwerp en dat moet iedereen maar zelf bekijken. We nemen de roltrap naar boven. Daar zien we het enige raam in de badkuip. Hij kijkt uit op het Museumplein en de zwarte servicetoren van het museum. De toren is lelijk, maar nuttig. Vanuit de toren kunnen kunstwerken rechtstreeks naar de kelder van het museum vervoerd worden.
Boven lopen we via het oude en nieuwe deel naar de oude trap. Bij de overgang nieuw-oud is een klein raampje waardoor je van bovenaf op de entreehal kijkt. Via de oude trap dalen we weer af. De prentenkabinetten halverwege de trap zijn dicht gemaakt. Terug naar de hal staan we nog even stil bij het portret van onze koningin door Luc Tuymans.
In de hal nemen we afscheid. We hebben een goede indruk van het museum gekregen, maar we hadden toch wat meer over de architectuur willen horen, want daar kwamen we voor nietwaar?
Hens Bartels

 


Foto's Hens Bartels

 

 

 

 

 

Bezoek aan het atelier van Nico de Wit, december 2012

 

 

 

 

 


Foto's van Herman Wortmann